Door Frank van Ravenswaaij

Als ik in een voetbalstadion zit kan ik mij vreselijk storen. Vaak heeft het niet eens met de wedstrijd te maken. Waar ik mij regelmatig aan erger zijn andere toeschouwers in het stadion. En dan met name bekende Nederlanders.

Zo was ik laatst bij Ajax tegen PSV. Zojuist had ik uit volle borst meegezongen met het bloed, zweet en tranen van Andre Hazes. Heel even kijk ik achterom. Jan Smit, de Volendamse zanger, niet te verwarren met de voorzitter van Heracles, zit een rij achter me. Normaal gesproken is het leuk als je een bekende Nederlander ziet. In een restaurant of op straat. Hier, in de Amsterdam Arena, is dat anders. Wat moet die gozer hier?

Jan is lekker op dreef. Selfie hier, handtekening daar. Alle aandacht gaat naar de sympathieke Volendammer. Maar volgens mij gaat het hier toch echt om de wedstrijd en niet om Jan Smit. Misschien heb ik mij vergist. Misschien is Jan wel een echte voetballiefhebber geworden. In de 84e minuut bij een 1-2 tussenstand kijk ik over mijn schouder. Een lege stoel. Ik kijk naar de trap. Jan is onderweg naar de uitgang. Grote grijns op zijn gezicht. Wat valt er te lachen? We staan 1-2 achter. Jan knipoogt nog een aantal keer en zwaait naar een paar fans. Geef die vent een stadionverbod. Jaartje of 3. Misschien wel 4.

Ik heb dit vaker meegemaakt. Een jaartje geleden werd ik er op gewezen dat Miryanna van Reeden een rij achter mij zat. Bleek een bekende actrice te zijn. Mij prima. Binnen een paar minuten kom je erachter dat deze vrouw helemaal niet voor de wedstrijd komt. Ze is samen met een vriendin gekomen. En ze praten gedurende de wedstrijd enkel over randzaken. Zo kom je binnen 90 minuten te weten dat de dochter van Miryanna moeite heeft met rekenen, dat de kat van de buren op sterven ligt en dat de moeder van de tuinman is vreemdgegaan met de zoon van de fietsenmaker.

Waarom moet je zulke dingen bespreken op de tribune van een voetbalclub? Kan dat niet thuis op de bank? De koffie is thuis gratis en waarschijnlijk ook lekkerder. Een zachte bank zit bovendien veel lekkerder dan zo’n hard stadionstoeltje. Ook heb je thuis de nodige privacy.

In een stadion willen er nog weleens mensen naast je zitten. Dan kun je toch beter besluiten om thuis te blijven. En als die zogenaamde bekende Nederlanders daar zelf niet achter kunnen komen moeten ze misschien een beetje worden geholpen. Een stadionverbod bijvoorbeeld. Jaartje of 3. Misschien wel 4.

Advertenties